Domein I, Goede Tijden, Slechte Tijden 2017-10-07T09:26:25+00:00

De kandidaat kan in contexten analyseren waarom er sprake is van korte termijn schommelingen in economische activiteiten en welke mogelijkheden en grenzen er zijn voor conjunctuurbeleid. Markten laten zich niet gemakkelijk reguleren mede door toedoen van rigiditeiten.

Checklist exameneisen

Conjunctuur en arbeidsmarkt

Met de conjunctuurzijde van de economie bekijken we de vraagzijde. We kijken naar het effect van bestedingen op korte termijn en de gevolgen voor bijvoorbeeld de werkloosheid.

Uitleg

Conjunctuur en structuur

Bij het vak economie wordt vaak een onderscheid gemaakt tussen de ‘vraagzijde / conjunctuur’ en de ‘aanbodzijde / structuur’ van [...]

Bestedingen of effectieve vraag

De totale vraag naar goederen en diensten in een land (in een bepaalde periode), voor zover die [...]

Overheidsuitgaven

De totale overheidsuitgaven bestaan uit de overheidsbestedingen en de overdrachtsuitgaven. […]

Conjunctuur en conjunctuurklok

Aan de hand van diverse economische grootheden bepaalt het CBS voortdurend in welke fase de conjunctuur van Nederland zich bevindt. [...]

Hoogconjunctuur

We spreken van een hoogconjunctuur indien de economie meer dan gemiddeld groeit. […]

Macro economische vraag en aanbod

Het effect van een vraagverandering op de economie is niet altijd hetzelfde. We kunnen dat laten zien met behulp van [...]

Bezettingsgraad

De bezettingsgraad geeft aan in welke mate de productiecapaciteit wordt gebruikt. […]

Werkgelegenheid: de vraag naar arbeid

De werkgelegenheid is de totale vraag naar de productiefactor arbeid. […]

Prijscompensatie

Prijscompensatie is een loonstijging die gelijk is aan de hoogte van de prijsstijgingen (inflatie) om de [...]

Reëel loon (of koopkracht)

Het reële loon is het loon uitgedrukt in hoeveelheid goederen die ermee gekocht kan worden (koopkracht [...]

Geldillusie

Geldillusie is de neiging van mensen om over geld in nominale en niet in reële (voor [...]

Beleid en overheid

De overheid kan met haar beleid de conjunctuur beïnvloeden. Maar maatregelen voor de conjunctuur hebben ook bijna altijd gevolgen voor de structuur.

Uitleg

Overheid

De rol van de overheid is niet meer weg te denken in de economie. Toch heeft de overheid niet overal [...]

Anti-cyclisch of pro-cyslisch begrotingsbeleid

De overheid kan met haar begrotingsbeleid de conjunctuurbeweging  zowel afzwakken als versterken. Dat is veelal een politieke keuze. […]

Het groei- en stabiliteitspact

De regels van Brussel, het groei- en stabiliteitspact, kunnen een reden zijn waarom de Nederlandse overheid bezuinigt terwijl het economisch [...]

Phillipscurve

De Phillipscurve is een curve die in een economie de korte-termijn afruil tussen inflatie en werkloosheid beschrijft. […]

Liquiditeitsval

Er is sprake van een liquiditeitsval als een toename van de maatschappelijke geldhoeveelheid terecht komt in [...]

Multiplier

Een multiplier is een vermenigvuldigingsfactor die aangeeft in welke mate het nationaal inkomen verandert als de autonome bestedingen veranderen. [...]

Inverdieneffect

Wanneer de overheid de economie wil stimuleren, zal een deel van de extra uitgaven door extra inkomsten wordt terug verdiend. [...]

Beleid en Centrale Bank

De Centrale Bank heeft officieel één doel: inflatie stabiliseren rond de 2 %
Om dat te realiseren kan de CB via de liquiditeit van de algemene banken de rente beïnvloeden. Maar een renteverandering heeft niet alleen gevolgen voor de inflatie.

Uitleg

Geldhoeveelheidsbegrippen

Bij het bewaken van de interne waarde van de munt maakt de centrale bank onderscheid tussen diverse geldhoeveelheidsbegrippen. [...]

Geldschepping of geldvernietiging

Door geldschepping neemt de maatschappelijke geldhoeveelheid toe. […]

Verkeersvergelijking Fisher

Met de verkeersvergelijking van Fisher kunnen we zichtbaar maken onder welke voorwaarde een groei van de [...]

Monetair beleid

De Europese Centrale Bank heeft officieel maar één doel: het bewaken van de interne waarde van de euro.Dat betekent dat [...]

Zero lower bound en kwantitatieve verruiming

Met de ‘zero lower bound’ wordt bedoeld dat de nominale rente van de centrale bank op nul is beland. [...]

Wisselkoers interventie

Met name vanwege het nadelige effect van wisselkoersrisico's op de handel maken landen soms afspraken om hun "munten aan elkaar [...]

Revaluatie

Een revaluatie is een aanpassing naar boven van de officiële spilkoers van een munt bij een [...]

Devaluatie

Een devaluatie is een neerwaartse aanpassing van de officiële spilkoers van een munt bij een systeem [...]

Ruilvoet

De ruilvoet geeft aan hoeveelheid goederen een land moet exporteren om een bepaalde hoeveelheid goederen te kunnen importeren. [...]

Verbandenschema wisselkoers & rente

We kunnen de macro-economische verbanden die samenhangen met wisselkoers en rente schematisch samenvatten op de volgende wijze: […]