Domeinen Markten en Samenwerken & Onderhandelen

Een econoom maakt een analyse van de ontwikkeling van de vismarkt in een regio door de eeuwen heen. De vismarkt in de middeleeuwen (zie figuur 1) wordt gekenmerkt door veel kleine aanbieders. De individuele consumenten kijken vanwege armoede enkel naar de prijs.

figuur 1  dagelijkse vismarkt in de middeleeuwen

Alle individuele vissers hebben de volgende kostenfunctie:
TK = 0,005q2 + 0,25q + 153,12

TK = totale kosten in koperstukken
q = het aantal vissen

De econoom gaat er in het model vanuit dat elke individuele visser streeft naar maximale winst.

1 Bereken hoeveel vissers er actief zijn op de middeleeuwse vismarkt.

Als de vissers streven naar maximale winst, geldt dat elke visser zoekt naar een productieomvang waarbij MO = MK.

Bij volkomen concurrentie heeft de individuele visser geen invloed op de prijs.

In de late middeleeuwen worden de consumenten welvarender en kopen ze meer vis. De econoom beweert:

  1. Door de toegenomen welvaart verandert de prijselasticiteit van de vraag naar vis.
  2. Door de toegenomen welvaart ontstaat een markt van monopolistische concurrentie.
2 Leg beide beweringen van de econoom uit.

Bij I: prijselasticiteit = de mate waarin de vraag reageert op een veranderende prijs

Bij II: wat is het kenmerkende verschil tussen volkomen concurrentie en monopolistische concurrentie?

In de twintigste eeuw vinden er grote technologische ontwikkelingen plaats waardoor schepen sneller meer vis binnenhalen. Door deze schaalvoordelen ontstaat een oligopolistische markt. Visserijen Dirdam en Nednol domineren de markt in de regio. Beide visserijen kunnen hun prijzen verlagen of handhaven (zie matrix 1).

matrix 1  winsten van Dirdam en Nednol in miljoenen €

3 Leg met behulp van getallen uit matrix 1 uit of er sprake is van een gevangenendilemma.

Gebruik de best-respons methode.
In een gevangenendilemma is het Nash evenwicht niet optimaal en is er een situatie waarbij beide partijen een hogere opbrengst kunnen behalen.

Na enkele jaren vormen Dirdam en Nednol een kartel. Syrap kan toetreden tot de vismarkt met een lagere prijs of de kartelprijs. De econoom presenteert spelboom 1 met daarin de keuzes.

spelboom 1   winsten Syrap, Nednol en Dirdam in miljoenen €

De = symbolen geven aan waar Nednol / Dirdam ervoor kiezen hun prijs gelijk te houden aan de eerdere kartelprijs.
De – symbolen geven aan waar Nednol / Dirdam ervoor kiezen hun prijs te verlagen ten opzichte van de eerdere kartelprijs.

4 Leg uit of Syrap toetreedt met een kartelprijs of een lagere prijs (getallen hoeven niet expliciet benoemd te worden).

Lees een spelboom “van achter naar voren”. Kijk wat de laatste speler zal kiezen – daarmee vallen uitkomsten voor de speler daarvoor af.
Kijk anders naar de uitgebreidere uitleg in de PowerPoint (dia 32).

1 Een voorbeeld van een juiste berekening is:

  • MO = 2 koperstukken (want de vissers zijn prijsnemers dus P = GO = MO).
    De marginale kostenfunctie MK (=TK’) = 0,01q + 0,25.
  • De verkochte hoeveelheid per visser bedraagt (MO = MK)
    2 = 0,01q + 0,25 → 1,75 = 0,01q → q = 175.
  • Het aantal vissers bedraagt (Q / q) → 7.000.000 / 175 = 40.000.
2 Een voorbeeld van een juist antwoord is:

  • Door de toegenomen welvaart stijgt de totale vraag naar vis (bij iedere prijs) en zal de vraag minder prijselastisch / prijsinelastischer worden.
  • Door de toegenomen welvaart hebben consumenten andere voorkeuren / wordt productdifferentiatie mogelijk, waardoor het product vis heterogener wordt en er een markt van monopolistische concurrentie ontstaat.
    of
    Door de toegenomen welvaart nemen de winstkansen voor producenten toe. Om zich te onderscheiden van anderen zullen ze concurreren op het product waardoor het product vis heterogener wordt en er een markt van monopolistische concurrentie ontstaat.
3 Een voorbeeld van een juist antwoord is:

  • Voor Dirdam is 33 > 30 en 19 >14 en voor Nednol is 20 > 10 en 6 > –2,
    dus prijs verlagen is voor beide visserijen de dominante strategie / het Nash-evenwicht is beiden verlagen.
  • Het Nash-evenwicht is een suboptimale uitkomst (laagste collectieve winst / 25 < 40) en dus is er sprake van een gevangenendilemma.
4 Een voorbeeld van een juist antwoord is:

  • Dirdam zal altijd de prijs verlagen / heeft een dominante strategie, want de winst is dan altijd hoger dan wanneer de prijs gelijk wordt gehouden. Daarop zal Nednol ook de prijs verlagen vanwege dezelfde verschillen in winst.
  • De uitkomst behorend bij het Nash-evenwicht is lagere prijs, prijs verlagen, prijs verlagen. Syrap treedt toe met een lagere prijs.

of

  • Dirdam zal altijd de prijs verlagen / heeft een dominante strategie, want
    45 > 40; 40 > 35; 30 > 20; 28 > 20. Daarop zal Nednol ook de prijs verlagen want 17 > 15 en 7 > 5.
  • De uitkomst behorend bij het Nash-evenwicht is 14, 7, 28. Syrap treedt toe met een lagere prijs.
print