In een land rapporteert een onderzoeksbureau in 2016 over de toenemende kosten van de zorg. Het bureau voorziet een groei van de zorgkosten die aanzienlijk hoger is dan de groei van het bruto binnenlands product (bbp):

  • De zorgkosten, die in 2016 9% van het bbp bedragen, zullen met 3,5% per jaar stijgen bij een jaarlijkse groei van het bbp van 1,32%.

  • Hieruit valt te berekenen dat de zorgkosten zullen oplopen tot meer dan 14% van het bbp in 2040.

  • Voor mensen die ouder zijn dan de pensioengerechtigde leeftijd van zeventig jaar zijn de zorgkosten per persoon in 2016 gemiddeld ruim drie keer zo hoog als van mensen onder die leeftijd. Deze verhouding zal de komende decennia nog verder toenemen.

Verder constateert het bureau dat vanaf een leeftijd van rond zeventig jaar mensen sowieso gemiddeld te maken krijgen met hogere zorgkosten.

1 Toon met een berekening op basis van de gegevens van het onderzoeksbureau aan dat de totale zorgkosten in 2040 meer dan 14% van het bbp zullen bedragen.

Dus: bereken voor 2040 de zorgkosten in procenten van het BBP.
Omdat je de echte waarde niet hebt, moet je met de 9% uit 2016 beginnen. Bijvoorbeeld BBP 100 (mld) en zorgkosten 9 (mld).

Voor een artikel over de gezondheidszorg bestudeert een journaliste het rapport. Ze vat het systeem van de zorg en de wijze waarop dit is gefinancierd schematisch samen zoals weergegeven in figuur 1.

figuur 1  systeem van financiering van de zorg

De journaliste introduceert het begrip nettozorgprofijt met als definitie:
kosten van genoten zorg – betaalde bijdragen aan de zorg.

Zij stelt dat het handhaven van een systeem met een uniforme premie neerkomt op verplichte solidariteit van relatief jonge verzekerden ten opzichte van oudere. Als de zorgkosten blijven stijgen zal deze verplichting zwaarder worden en kan dit leiden tot onvrede bij jongere verzekerden. De journaliste wijst er op dat het systeem voor hen op termijn ook voordelig kan zijn. Zij verwacht dat de jongere verzekerden van nu, gezien de aanhoudende stijging van de zorgkosten, over hun hele levensloop toch nog een positief nettozorgprofijt kunnen verwachten.

2 Leg deze veronderstelling van de journaliste uit.

Jongeren betalen per saldo aan de zorg.
Ouderen ontvangen per saldo voor de zorg.
(een jongere wordt later vanzelf een oudere)

Een manier om rekening te houden met verschillen tussen generaties is het instellen van twee verzekeringen: één voor mensen jonger dan de pensioengerechtigde leeftijd, en één voor ouderen, die dan gemiddeld hogere premies betalen. Dan wordt minder beroep gedaan op de solidariteit tussen de generaties, wat de onvrede bij de jongere verzekerden ten aanzien van de zorgverzekering zou kunnen verminderen. De journaliste stelt dat verzekerden uit deze groep bij de financiële planning over hun levensloop dan wel rekening dienen te houden met de vraag wat het bestaan van twee verschillende verzekeringen voor hen betekent wanneer zij zelf eens de pensioengerechtigde leeftijd zullen hebben bereikt.

3 Leg deze stelling van de journaliste uit.

Lees de tekst goed. Ga vooral in op “de financiële planning over hun levensloop”.

Volgens het rapport kan de verwachte stijging van de zorgkosten worden aangepakt met een nieuw zorgsysteem waarbij de overheid een basispakket gezondheidszorg verplicht stelt met een vast eigen risico.
Mensen kunnen in dat systeem zelf kiezen bij welke verzekeraar zij zich willen verzekeren. Verzekeraars mogen niemand weigeren, maar mogen wel zelf de hoogte van hun premie vaststellen. Volgens het rapport kan dit systeem via de marktrelaties tussen verzekerden, verzekeraars en zorgaanbieders, zoals weergegeven in figuur 1, een matigende invloed hebben op de stijging van de zorgkosten.

4 Leg deze stelling uit. Betrek alle drie de partijen uit figuur 1 in het antwoord.

Wat zal de consument willen?
Hoe kan de zorgverzekeraar dat bereiken?

De journaliste voorziet echter een effect waaraan in het rapport geen aandacht is geschonken: “Een systeem met een eigen risico kan leiden tot denivellering van de beschikbare inkomens van gezinshuishoudingen na aftrek van betaalde bijdragen aan de zorg.”

5 Leg deze stelling van de journaliste uit.

Denivellering betekent dat de inkomensverschillen in verhouding groter worden.
Blijkbaar zit er iets dat voor de armen (relatief) nadeliger is dan voor de rijken.

1

Een voorbeeld van een juiste berekening is:

  • Stel het bbp op 100 en het totaal van de zorgkosten op 9
    9 × 1,03524 = 9 × 2,283328 = 20,55
  • 100 × 1,013224 = 136,99
     × 100% = 15% (en dat is meer dan 14%)

Opmerking: een berekening op basis van 25 perioden levert geen puntenaftrek op.

2

Wanneer de huidige jonge verzekerden in de toekomst op leeftijd gekomen zijn, zal een nieuwe generatie jongere verzekerden voor hen meebetalen aan hun hogere zorgkosten. Hun huidige negatieve nettozorgprofijt als jongere is, gemiddeld genomen, kleiner dan hun toekomstige positieve nettozorgprofijt als oudere.

3

De verzekeringspremies voor de verzekering van ouderen zullen veel hoger moeten liggen (om de hogere kosten te kunnen dekken) waardoor jongeren wellicht moeten sparen (en daarmee afzien van huidige consumptie) om na hun pensioengerechtigde leeftijd de benodigde hoge premies te kunnen betalen.

4

Een voorbeeld van een juiste uitleg is:

  • De verzekerden zullen letten op de hoogte van de premie, waardoor de verzekeraars extra op de kosten zullen willen letten.
  • De verzekeraars zullen dan scherper onderhandelen met zorgaanbieders / ook zoeken naar de goedkoopste zorgaanbieders waardoor zorgaanbieders mogelijk hun prijzen zullen matigen.
5

Voorbeelden van een juiste uitleg zijn:

  • De betalingen voor het eigen risico vormen voor mensen met lage inkomens een groter percentage van hun inkomen dan voor mensen met hoge inkomens. Zij gaan er dus procentueel meer op achteruit dan mensen met hoge inkomens.
  • Mensen met lage inkomens leven vaak relatief ongezond (vergeleken met mensen met hogere inkomens) en zijn meer op gezondheidszorg aangewezen. Zij zullen vaker betalingen moeten doen die onder het eigen risico vallen en gaan er dus procentueel meer op achteruit dan mensen met hoge inkomens.
print