Zoekresultaten voor: intertemporele budgetlijn

Wilt u opnieuw zoeken?

Als u niet gevonden hebt wat u zoekt, probeer dan opnieuw te zoeken!

Opgave 6 – Intertemporele budgetlijn

Bij het maken van de getoonde intertemporele budgetlijn is uitgegaan van het volgende: de lijn is getekend op basis van de reële rente; de nominale rente in deze periode bedraagt 35% punt A geeft het neutrale punt weer (lenen noch sparen) Marinda kiest op basis van haar intertemporele voorkeur voor punt B. a Is Marinda een netto lener of spaarder? Verklaar [...]

Opgave 6 – Intertemporele budgetlijn2017-12-30T15:51:10+01:00

Opgave 5 – Intertemporele budgetlijn

Johan de Wit is 50 jaar. Hij verwacht: Tot aan zijn 65ste jaar (de huidige periode) € 120.000 te verdienen. Na zijn 65ste jaar (de toekomstige periode) verwacht hij € 90.000 aan pensioen te ontvangen. Johan kan in elke periode lenen en sparen tegen een nominale rente van 35%.  De inflatie zal naar verwachting in elke periode (in totaal) 20% [...]

Opgave 5 – Intertemporele budgetlijn2017-12-30T15:37:14+01:00

Opgave 3 – Intertemporele budgetlijn

Vraag 1 Jennifer wil graag de effecten van sparen en lenen voor zichzelf inzichtelijk maken. Zij stelt daarom een persoonlijke intertemporele budgetlijn op. Zij gaat uit van de volgende gegevens: haar huidige inkomen bedraagt € 400.000 haar toekomstige inkomen bedraagt € 500.000 de nominale rente bedraagt 20% a Teken de intertemporele budgetlijn van Jennifer op basis van [...]

Opgave 3 – Intertemporele budgetlijn2017-12-30T14:42:34+01:00

Intertemporele budgetlijn

Met behulp van een budgetlijn kunnen we ook zichtbaar maken dat er een ruil mogelijk is tussen huidige en toekomstige bestedingen. We spreken dan van een intertemporele budgetlijn. Je kunt in het heden méér consumeren door te lenen, maar dan zul je in de toekomst minder kunnen besteden. Of je spaart, zodat je in de toekomst meer kunt consumeren. Dat gaat [...]

Intertemporele budgetlijn2017-12-29T10:40:43+01:00

§ 1.1 Intertemporele ruil

Ruilen over de Tijd Elke keer wanneer we lenen of sparen verplaatsen we een deel van onze koopkracht in de tijd. Door te sparen heb je in het heden minder koopkracht, maar daardoor kun je in de toekomst méér kopen. Lenen zorgt ervoor dat je in het heden meer kunt kopen, maar in de toekomst moet je terug betalen waardoor je dan minder [...]

§ 1.1 Intertemporele ruil2019-11-11T14:43:21+01:00

H.1 Intertemporele ruil ANTW

Opdracht 1 – begippen a De reële waarde geeft aan hoeveel goederen met een bepaald bedrag gekocht kunnen worden. b Een (hoge) tijdsvoorkeur geeft aan dat iemand consumptie in het heden prefereert boven consumptie in de toekomst. c De kapitaalmarkt is het geheel van vraag naar- en aanbod van financiële middelen met een originele looptijd van meer dan twee jaar. d Kosteninflatie is [...]

H.1 Intertemporele ruil ANTW2019-11-11T14:45:39+01:00

H.1 Intertemporele ruil TEST

Opdracht 1 – begippen Definities van begrippen heb je vaak nodig omdat bij uitlegvragen deze definitie moet worden toegepast op een context. Zonder heldere begripskennis loop je vaak een deel van de scorepunten mis. Wat is de definitie van de volgende begrippen: a Reële waarde b Tijdsvoorkeur c Kapitaalmarkt d Kosteninflatie Opdracht 2 a Gegeven een intertemporele budgetlijn [...]

H.1 Intertemporele ruil TEST2019-11-11T14:45:06+01:00

Test basiskennis

Opgave 1 - basisbegrippen Geef een zo duidelijk mogelijke omschrijving / definitie van onderstaande begrippen. a (Hoge) Tijdsvoorkeur b Waardevaste uitkering c Kapitaaldekkingsstelsel d Consumentenprijsindexcijfer e Investeren f Begrotingstekort g Laagconjunctuur Opgave 2 – sparen en lenen a Schets een intertemporele budgetlijn. b Waardoor wordt de helling van deze intertemporele budgetlijn bepaald? Verklaar je antwoord. c Leg uit [...]

Test basiskennis2017-11-13T14:24:03+01:00