Officiële omschrijving

De kandidaat kan, binnen de contexten van gezinshuishoudingen, bedrijfshuishoudingen en overheidshuishoudingen, analyseren dat ruil niet alleen op één moment in de tijd plaatsvindt, maar ook over de tijd. De prijs die deze intertemporele ruil coördineert is de rente.

Ruilen over de Tijd

Sparen en investeren
Rendement
Reële en nominale rente
Tijdvoorkeur
Intertemporele afweging
Voorraad- en stroomgrootheden
Kapitaal- versus omslagstelsel
Overheidstekort
Belastingspreiding
Vermogen (eigen en vreemd)
Schuld (privaat)
Afschrijvingen
Balans en resultatenrekening

Subdomein Gezinnen ruilen over de tijd:

  • o.a. over: waarom en wanneer gezinnen sparen en lenen: prijs en financiële gevolgen van sparen en lenen; de invloed van inflatie op sparen en lenen.

Subdomein De overheid ruilt over de tijd:

  • o.a. over staatsschuld, inkomsten en uitgaven van de overheid;
  • o.a. over de dilemma’s bij keuze pensioenvoorziening op basis van omslagstelsel of kapitaaldekkingsstelsel (verplichte context: pensioenen, o.a. AOW: omslagstelsel en (verplichte) solidariteit).

Subdomein Ondernemingen ruilen over de tijd:

  • o.a. over balans, voorraad- en stroomgrootheden.

Verplichte contexten

  • Onderwijs en menselijk kapitaal
  • Pensioen