|
Anti-cyclisch begrotingsbeleid |
|
|
Overheidsbeleid, waarbij de overheid haar begroting (inkomsten en uitgaven) gebruikt om de conjunctuurcyclus tegen te werken. |
|
Lees meer...
|
|
Begrotingstekort |
|
|
Bedrag waarmee de overheidsuitgaven de overheidsinkomsten overtreffen. |
|
Lees meer...
|
|
Collectief goed |
|
|
Dit zijn goederen die alleen door de overheid geleverd kunnen worden. |
|
Lees meer...
|
|
Collectieve lastendruk |
|
|
De collectieve lasten uitgedrukt als percentage van het nationale inkomen. |
|
Lees meer...
|
|
Collectieve sector |
|
|
De collectieve sector bestaat uit de overheidssector (Rijk en lagere overheden) en de uitvoeringsinstanties voor de sociale zekerheid. |
|
Lees meer...
|
|
Financieringstekort |
|
|
Het bedrag waarmee de staatsschuld (in een jaar) toeneemt. |
|
Lees meer...
|
|
Heffingskorting |
|
|
Korting op het te betalen bedrag aan belastingen. |
|
Lees meer...
|
|
i/a-ratio |
|
|
Geeft de verhouding weer tussen het aantal uitkeringsgerechtigden (inactieven) en diegenen die de uitkering moeten betalen, de werkenden (actieven). |
|
Lees meer...
|
|
Inkomensoverdrachten |
|
|
Het overhandigen van een bedrag, zonder dat hier een directe tegenprestatie voor geleverd wordt. |
|
Lees meer...
|
|
Kapitaaldekkingsstelsel |
|
|
Stelsel waarbij de uitkering die wordt verstrekt betaald wordt uit belegde premies (voor de uitkeringen) die door de werkende zélf werden gespaard. |
|
Lees meer...
|
|
Marginale (belasting)tarief |
|
|
Het percentage belasting dat iemand moet betalen over één extra euro inkomen. |
|
Lees meer...
|
|
Overdrachtsuitgaven |
|
|
Het zijn overheidsuitgaven "om niet", d.w.z. de overheid verwacht hiervoor geen direct aanwijsbare tegenprestatie. |
|
Lees meer...
|
|
Overheidsuitgaven |
|
|
De totale overheidsuitgaven bestaan uit de overheidsbestedingen en de overdrachtsuitgaven. |
|
Lees meer...
|
|
Progressief |
|
|
Hoe hoger het inkomen, hoe meer men procentueel (of relatief) aan belasting betaalt. |
|
Lees meer...
|
|
Retributies |
|
|
Bedrag dat aan de overheid wordt betaald voor de levering van een individueel goed (of dienst). |
|
Lees meer...
|
|
Sociale zekerheid |
|
|
Stelsel van sociale uitkeringen. |
|
Lees meer...
|
|
Waardevaste uitkering |
|
|
Wanneer de koopkracht van een uitkering constant gehouden wordt door de uitkering (jaarlijks) aan te passen aan de hoogte van de inflatie. |
|
Lees meer...
|
|
Welvaartsvaste uitkering |
|
|
Wanneer het bedrag van de uitkering met hetzelfde percentage verhoogd wordt als de gemiddelde lonen in een land, zodat de welvaartsverhouding constant blijft. |
|
Lees meer...
|
|
|
|
|
|